LTO debat op 25 februari laat zien dat iedereen stoppers faciliteert, maar wie faciliteert nieuwe boeren?

26 februari 2026

Tijdens het LTO-debat over landbouw in Lochem ontstond een zorgwekkend beeld: als we zo doorgaan, blijven er nauwelijks boeren over. En op LochemGroen! na, noemde niemand dat als een probleem. Het belangrijkste instrument om dit te voorkomen werd niet genoemd: de instroom van nieuwe jonge boeren. De focus ligt vooral op het faciliteren van stoppers en schaalvergroting.

Op korte termijn is dat te volgen. Stoppers ontvangen een mooie prijs voor hun grond en mogen blijven wonen waar ze altijd woonden; blijvende boeren kunnen uitbreiden. Maar op lange termijn is dit funest. Hoe behouden we zo een agrarische gemeenschap en ons kleinschalige coulissenlandschap?

Wanneer er geen familieopvolging is, zou opvolging van buitenaf vanzelfsprekend moeten zijn. In de praktijk is dat vrijwel onmogelijk. Er staan nauwelijks bedrijven te koop en wat beschikbaar komt is onbetaalbaar, mede door de ‘rode’ bestemmingswaarde. Toch zien diverse partijen dit niet als probleem; hun horizon lijkt te stoppen bij het netjes begeleiden van de stopper.

Lochem over dertig jaar
Maar hoe ziet Lochem er dan over dertig jaar uit? De oorlog in Oekraïne laat zien hoe belangrijk voedselzekerheid is. Daarnaast vragen natuurbeheer, energieproductie en duurzame bouwmaterialen om lokale inzet. Als we kiezen voor meer natuurinclusieve landbouw, zijn bovendien meer ondernemers en arbeidskrachten nodig. Dat zorgt ook voor levendigheid op het platteland en voorkomt ondermijning (zoals drugslabs). Verjonging versterkt buurtschappen, scholen en kinderopvang.

Er zijn bovendien veel jonge mensen die boer willen worden. Zonder familiebedrijf krijgen MAS- of HAS-afgestudeerden echter geen voet aan de grond. Zij belanden als adviseur, terwijl alleen kapitaalkrachtige zij-instromers zich nog een boerenbedrijf kunnen veroorloven.

Over ruimte in regels bestaat gelukkig wel grotendeels overeenstemming: verbreding moet worden gefaciliteerd. Behalve dat sommige partijen vinden dat er ook ‘productiegebieden’ moeten worden aangewezen waar dit niet mogelijk is. Maar een meerderheid ziet er wel heil in, en terecht. Multifunctionele landbouw groeide al van 1 naar 1,6 miljard en heeft nog de potentie door te groeien naar 2 miljard. Tegelijk krijgt het fysiek nauwelijks ruimte. Als we niets veranderen, resteert over enkele decennia een platteland met villa’s en industriële bedrijven, en nauwelijks familiebedrijven.

De kernvraag is daarom: willen we een vitale, verjongende agrarische gemeenschap behouden? Een gemeenschap die bijdraagt aan voedselzekerheid, natuur, dierenwelzijn en brede welvaart? Dan moeten wij nu die keuze maken.

Kijk een stukje van het debat hier terug

Wilt u graag op de hoogte blijven?

Meld u dan aan op onze nieuwsbrief

crossmenuchevron-down linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram