
Geschreven door fractievoorzitter Calle Janssen
Nederland zit vast in een landbouwsysteem dat zichzelf keer op keer klemrijdt. We produceren te veel mest, stoten te veel stikstof uit en verwoesten onze natuur. Toch blijft de politiek steeds naar technische oplossingen grijpen om de status quo te handhaven, in plaats van de kern van het probleem aan te pakken: de veestapel is simpelweg te groot. Nu komt er weer een nieuw ‘geitenpaadje’ bij: een mobiele mestverwerker, gepresenteerd als dé oplossing voor de stikstofcrisis.
Wat mij zorgen baart, is dat onze burgemeester, Sebastiaan van 't Erve, dit op LinkedIn promoot, terwijl dit niets anders is dan het verplaatsen van het probleem. De mobiele mestverwerker haalt stikstof uit mest en maakt het exporteerbaar, zodat het elders gebruikt kan worden. Maar waarom zouden we onze stikstofcrisis exporteren in plaats van oplossen? Dit is een typische symptoombestrijding die we al decennia zien in de landbouwsector.
Steeds weer dezelfde schijnoplossingen
Dit is niet de eerste keer dat we een ingewikkelde technische oplossing bedenken om het echte probleem te ontwijken. We hebben in Nederland een lange geschiedenis van ‘geitenpaadjes’ in de landbouw, telkens met hetzelfde doel: de productie op peil houden en de sector ontzien. Een paar beruchte voorbeelden:
Waarom is de mobiele mestverwerker géén echte oplossing?
De mobiele mestverwerker van Elweco-Medo past perfect in dit rijtje van geitenpaadjes. Het idee is simpel: als we de stikstof in mest kunnen bewerken en exporteren, kunnen we hier meer vee blijven houden zonder de uitstootnormen te overschrijden. Maar dit is niets anders dan het doorschuiven van het probleem naar het buitenland.
Dit sluit naadloos aan bij het bredere probleem: de landbouwsector zit vast in een systeem dat zichzelf in stand houdt. We halen stikstof binnen via veevoer en kunstmest, produceren meer mest dan we kwijt kunnen, en proberen het overschot vervolgens weer af te voeren – nu dus via een mobiele mestverwerker. Dit leidt niet alleen tot milieuproblemen, maar maakt ons ook afhankelijk van import en export om de balans te bewaren. Zolang we onze eigen landbouwkringloop niet beter sluiten en lokaal duurzamer maken, blijft het stikstofprobleem bestaan.
Dit roept een paar fundamentele vragen op:
De LinkedIn-post van Van ’t Erve wekt de indruk dat dit een vooruitgang is, terwijl hij hiermee gewoon een belang van de agrarische sector promoot. Dit terwijl de stikstofcrisis een fundamenteel politiek en ecologisch probleem is, waarin je geen ‘neutrale’ positie kunt innemen.
Wanneer zetten we ons écht in voor een toekomstbestendige landbouwsector waarin boeren en natuur sámen kunnen bestaan? In plaats daarvan krijgen we wéér een technische lapoplossing die ons dwingt in het oude model van overproductie en exportafhankelijkheid.
Echte oplossingen zijn onvermijdelijk
Het wordt tijd om te stoppen met deze schijnoplossingen en eindelijk werk te maken van échte verandering. Dat betekent:
✅ Krimp van de veestapel – Dit is de enige manier om de stikstofuitstoot structureel te verlagen. Minder dieren betekent minder mest, minder stikstof en een gezondere leefomgeving.
✅ Omschakeling naar natuurinclusieve landbouw – Boeren helpen om lokaal voedsel te produceren met gesloten kringlopen die in evenwicht zijn met de natuur, in plaats van afhankelijk te blijven van export en massaproductie.
✅ Beëindigen van technische schijnoplossingen – Geen miljarden meer pompen in luchtwassers, mestverwerkers of andere doekjes voor het bloeden, maar investeren in duurzame transitie.
De tijd van uitstelgedrag en geitenpaadjes moet voorbij zijn. Laten we ophouden met het doorschuiven van de rekening naar toekomstige generaties en eindelijk de moed tonen om onze landbouw fundamenteel te hervormen.
Geschreven door fractievoorzitter Calle Janssen
